Geopolitiek, olie en rente bepalen opnieuw het beursklimaat

Geopolitiek, olie en rente bepalen opnieuw het beursklimaat

De finan­ci­ë­le mark­ten bevin­den zich begin sep­tem­ber in een merk­waar­di­ge situ­a­tie. Aan de ene kant blij­ven de bedrijfs­win­sten – voor­al in de Ver­e­nig­de Sta­ten – opval­lend sterk en blijft de inves­te­rings­golf rond arti­fi­ci­ë­le intel­li­gen­tie de aan­de­len­mark­ten onder­steu­nen. Aan de ande­re kant zijn de geo­po­li­tie­ke risico’s aan­zien­lijk toe­ge­no­men, is de olie­prijs opnieuw opge­lo­pen en staan de obli­ga­tie­mark­ten onder druk.

Voor beleg­gers draait de komen­de maan­den daar­om waar­schijn­lijk rond drie vra­gen: wat gebeurt er in de Straat van Hor­moez, hoe hard­nek­kig blijkt de infla­tie en hoe rea­ge­ren de cen­tra­le ban­ken daarop?

De Straat van Hor­moez wordt opnieuw het belang­rijk­ste geo­po­li­tie­ke risico

De toe­stand rond Iran en de Straat van Hor­moez is momen­teel wel­licht de belang­rijk­ste geo­po­li­tie­ke fac­tor voor de finan­ci­ë­le markten.

De situ­a­tie is de afge­lo­pen dagen opnieuw geës­ca­leerd. Ame­ri­kaan­se strijd­krach­ten vie­len Iraan­se olie­tan­kers aan, waar­na Iran sche­pen in en rond de Straat van Hor­moez viseer­de. Tehe­ran kon­dig­de boven­dien aan een beperk­te mari­tie­me zone in de Golf te zul­len instellen.

Het gevolg is dat het scheep­vaart­ver­keer door de zee­straat sterk is terug­ge­val­len. Vol­gens gege­vens van Kpler pas­seer­den gedu­ren­de de afge­lo­pen tien dagen gemid­deld slechts onge­veer tien grond­stof­fen­sche­pen per dag – het laag­ste niveau sinds mei.

Dat is belang­rijk omdat de Straat van Hor­moez een van de belang­rijk­ste ener­gieknoop­pun­ten ter wereld is. Vóór het con­flict pas­seer­de er onge­veer een vijf­de van de mon­di­a­le olie­voor­zie­ning. Een lang­du­ri­ge ver­sto­ring heeft daar­door niet alleen gevol­gen voor olie­pro­du­cen­ten, maar voor vrij­wel de gehe­le wereldeconomie.

Brent­olie noteert inmid­dels rond 97 dol­lar per vat, onge­veer 35% hoger dan voor het uit­bre­ken van de oor­log eind febru­a­ri. Voor­al de stij­ging van die­sel is eco­no­misch belang­rijk: die­sel wordt gebruikt in trans­port, scheep­vaart, land­bouw en indu­strie en de prijs ervan ligt inmid­dels onge­veer 90% hoger dan vóór het conflict.

Gold­man Sachs waar­schuw­de recent dat olie bij ver­de­re ver­sto­ring van de scheep­vaart zelfs rich­ting 120 dol­lar per vat kan gaan.

Voor beleg­gers is dat mis­schien nog belang­rij­ker dan de mili­tai­re ont­wik­ke­lin­gen zelf. Een olie­prijs die lan­ge­re tijd rond of boven 100 dol­lar blijft, kan de infla­tie opnieuw aan­wak­ke­ren, de koop­kracht aan­tas­ten, de winst­mar­ges van bedrij­ven onder druk zet­ten en cen­tra­le ban­ken dwin­gen de ren­te lan­ger hoog te houden.

Daar ligt momen­teel het groot­ste risi­co voor de aandelenmarkten.

Oek­ra­ï­ne: oor­log duurt voort, maar mark­ten kij­ken voor­al naar energie

Ook in Oek­ra­ï­ne blijft een snel­le oplos­sing uit. Ame­ri­kaan­se gezan­ten voer­den de afge­lo­pen dagen gesprek­ken met zowel Mos­kou als Kyiv, maar een door­braak kwam er niet. Pre­si­dent Zelens­ky ver­wacht inmid­dels dat de oor­log ook tij­dens de komen­de win­ter zal voort­du­ren. Tege­lijk wor­den ener­gie-infra­struc­tuur, olie-instal­la­ties en logis­tie­ke infra­struc­tuur steeds nadruk­ke­lij­ker onder­deel van de strijd.

Voor de finan­ci­ë­le mark­ten heeft de oor­log in Oek­ra­ï­ne van­daag ech­ter min­der direc­te impact dan in 2022. Euro­pa heeft zijn afhan­ke­lijk­heid van Rus­si­sche ener­gie de afge­lo­pen jaren aan­zien­lijk ver­min­derd en de mark­ten heb­ben zich gro­ten­deels aan het con­flict aangepast

Dat bete­kent niet dat Oek­ra­ï­ne eco­no­misch irre­le­vant is gewor­den. Ver­de­re aan­val­len op Rus­si­sche raf­fi­na­de­rij­en, export­ha­vens en ener­gie-infra­struc­tuur kun­nen de mon­di­a­le olie- en grond­stof­fen­markt beïn­vloe­den. Boven­dien blijft de oor­log de Euro­pe­se defen­sie-uit­ga­ven struc­tu­reel verhogen.

Een even­tu­eel bestand zou voor­al posi­tief zijn voor Euro­pa: min­der geo­po­li­tie­ke onze­ker­heid, lage­re risi­co­pre­mies en moge­lijk meer ruim­te voor eco­no­mi­sche inves­te­rin­gen. Maar voor­lo­pig lijkt het voor­ba­rig om daar­op een beleg­gings­stra­te­gie te bouwen.

Obli­ga­ties zijn terug – maar tegen een prijs

Mis­schien wel de belang­rijk­ste ont­wik­ke­ling van 2026 speelt zich niet op de aan­de­len­markt af, maar op de obligatiemarkt.

De ren­te is wereld­wijd fors gestegen.

De Duit­se tien­jaars­ren­te, de refe­ren­tie­ren­te voor de euro­zo­ne, bereik­te begin sep­tem­ber onge­veer 3,36%, het hoog­ste niveau in vijf­tien jaar. De Duit­se twee­jaars­ren­te liep op tot onge­veer 2,9%. In Frank­rijk en Ita­lië steeg de tien­jaars­ren­te inmid­dels boven 4%.

Ook in de Ver­e­nig­de Sta­ten zijn de ren­de­men­ten hoog. De Ame­ri­kaan­se tien­jaars Tre­a­su­ry noteer­de eind vori­ge week rond 4,8%.

Daar­voor bestaan ver­schil­len­de oor­za­ken. De hoge­re ener­gie­prij­zen ver­ho­gen opnieuw de infla­tie­ver­wach­tin­gen. Cen­tra­le ban­ken kun­nen daar­door min­der snel ver­soe­pe­len – en moe­ten moge­lijk zelfs ver­der ver­krap­pen. Tege­lij­ker­tijd moe­ten over­he­den enor­me hoe­veel­he­den schuld finan­cie­ren. Beleg­gers eisen een hoge­re ver­goe­ding om die obli­ga­ties op te nemen.

Voor ver­mo­gen­de beleg­gers ont­staat daar­door een inte­res­san­te situatie.

Na een lan­ge peri­o­de waar­in obli­ga­ties nau­we­lijks ren­de­ment boden, levert kwa­li­ta­tief schuld­pa­pier opnieuw een bete­ke­nis­vol­le cou­pon op. Wie van­daag een goed gedi­ver­si­fi­eer­de obli­ga­tie­por­te­feuil­le samen­stelt, hoeft niet lan­ger gro­te kredietrisico’s te nemen om een rede­lijk ren­de­ment te realiseren.

Daar staat tegen­over dat lang­lo­pen­de obli­ga­ties gevoe­lig blij­ven voor ver­de­re ren­te­stij­gin­gen. Voor­zich­tig­heid met een zeer lan­ge dura­ti­on blijft daar­om aangewezen.

ECB: don­der­dag vrij­wel zeker opnieuw een renteverhoging

Alle ogen zijn deze week gericht op de Euro­pe­se Cen­tra­le Bank. De ECB ver­ga­dert woens­dag en don­der­dag in Ber­lijn; het ren­te­be­sluit wordt don­der­dag 10 sep­tem­ber om 14.15 uur gepu­bli­ceerd, gevolgd door de pers­con­fe­ren­tie van Chris­ti­ne Lagarde.

De uit­komst lijkt op het eer­ste gezicht wei­nig spannend.

De markt ver­wacht vrij­wel una­niem een ren­te­ver­ho­ging met 25 basis­pun­ten, waar­door de depo­si­to­ren­te van 2,25% naar 2,50% zou stijgen.

De reden is voor­al infla­tie. De infla­tie in de euro­zo­ne is in augus­tus opnieuw opge­lo­pen tot 3,3%, gro­ten­deels als gevolg van hoge­re energieprijzen.

Veel inte­res­san­ter dan de ren­te­ver­ho­ging zelf wordt daar­om wat Lag­ar­de zegt over de maan­den daarna.

Een meer­der­heid van de door Reu­ters onder­vraag­de eco­no­men ver­wacht dat 2,50% voor­lo­pig het eind­punt wordt. De onder­lig­gen­de infla­tie blijft immers rela­tief beheerst, de arbeids­markt ver­zwakt en de loon­stij­ging neemt af.

De finan­ci­ë­le mark­ten zijn min­der gerust. Zij hou­den reke­ning met ver­de­re ver­ho­gin­gen indien olie en gas duur blijven.

Ook de gro­te ban­ken wor­den voor­zich­ti­ger. J.P. Mor­gan en BNP Pari­bas ver­wach­ten inmid­dels nog een ren­te­ver­ho­ging in decem­ber. Deut­sche Bank heeft zijn ver­wach­ting even­eens aan­ge­past en ziet nu 2,75% als waar­schijn­lij­ker eindniveau.

De bood­schap van don­der­dag zal dus waar­schijn­lijk neer­ko­men op: de ECB ver­hoogt de ren­te, maar houdt alle opties open.

En wat den­ken de gro­te zaken­ban­ken over aandelen?

Opval­lend genoeg blij­ven de gro­te inter­na­ti­o­na­le inves­te­rings­ban­ken ondanks alle geo­po­li­tie­ke onrust behoor­lijk opti­mis­tisch over aandelen.

Dat opti­mis­me steunt voor­al op één fac­tor: de bedrijfs­win­sten.

De Ame­ri­kaan­se eco­no­mie heeft zich beter gehou­den dan ver­wacht en de inves­te­rings­golf in arti­fi­ci­ë­le intel­li­gen­tie blijft uit­zon­der­lijk groot. Voor­al half­ge­lei­ders, cloud­in­fra­struc­tuur, data­cen­ters, ener­gie­voor­zie­ning en ande­re bedrij­ven die pro­fi­te­ren van de AI-inves­te­rings­cy­clus laten ster­ke winst­groei zien.

De koers­doe­len van de gro­te ban­ken voor de S&P 500 spre­ken voor zich. Gold­man Sachs ver­wacht voor eind 2026 een niveau van 8.000 pun­ten. Mor­gan Stan­ley mikt even­eens op 8.000. J.P. Mor­gan ver­hoog­de zijn doel recent tot 8.000. Citigroup zit op 8.100 en UBS Glo­bal Research even­eens op 8.100. Alleen Bank of Ame­ri­ca blijft met 7.100 opval­lend voorzichtig.

Gold­man Sachs ver­wacht voor 2026 een winst per aan­deel voor de S&P 500 van onge­veer 340 dol­lar, of 24% meer dan vorig jaar. Onge­veer de helft van die winst­groei zou afkom­stig zijn van onder­ne­min­gen die pro­fi­te­ren van de inves­te­rin­gen in AI-infrastructuur.

J.P. Mor­gan is zelfs nog opti­mis­ti­scher en ver­hoog­de zijn winst­ver­wach­ting recent naar 365 dol­lar per aan­deel. De bank wijst erop dat meer dan 85% van de onder­ne­min­gen die hun twee­de­kwar­taal­re­sul­ta­ten had­den gepu­bli­ceerd, de ver­wach­tin­gen van ana­lis­ten overtroffen.

UBS ver­hoog­de eind augus­tus zijn koers­doel naar 8.100 pun­ten en noemt drie steun­pi­la­ren voor de haus­se: veer­krach­ti­ge eco­no­mi­sche groei, een nog altijd rede­lijk gun­stig mone­tair kli­maat en de ver­de­re ver­sprei­ding van AI.

Er bestaat dus opval­lend veel eens­ge­zind­heid: de gro­te zaken­ban­ken ver­wach­ten voor­lo­pig geen ein­de aan de hausse.

Maar goed­koop zijn aan­de­len niet

Dat opti­mis­me ver­dient eni­ge nuance.

De Ame­ri­kaan­se aan­de­len­markt is duur en boven­dien sterk gecon­cen­treerd in een rela­tief beperkt aan­tal zeer gro­te tech­no­lo­gie­be­drij­ven. Gold­man Sachs rekent voor de S&P 500 op een waar­de­ring van onge­veer 21 keer de ver­wach­te winst.

Dat hoeft geen pro­bleem te zijn zolang de win­sten snel blij­ven groeien.

Maar pre­cies daar ligt de kwets­baar­heid. De enor­me inves­te­rin­gen in arti­fi­ci­ë­le intel­li­gen­tie moe­ten uit­ein­de­lijk ook vol­doen­de omzet, pro­duc­ti­vi­teit en cash­flow ople­ve­ren. Zowel Gold­man Sachs, J.P. Mor­gan als Citigroup wij­zen inmid­dels expli­ciet op dat risico.

Daar­naast ont­staat opnieuw con­cur­ren­tie tus­sen aan­de­len en obli­ga­ties. Wan­neer Ame­ri­kaan­se staats­obli­ga­ties bij­na 5% en Euro­pe­se kwa­li­teits­obli­ga­ties opnieuw aan­trek­ke­lij­ke cou­pons bie­den, hoeft een beleg­ger niet meer nood­za­ke­lijk aan­de­len­ri­si­co te nemen om ren­de­ment te behalen.

Dat ver­an­dert de klas­sie­ke asse­tal­lo­ca­tie fundamenteel.

Wat bete­kent dit voor de belegger?

De toe­stand op de finan­ci­ë­le mark­ten is beter dan de geo­po­li­tie­ke kran­ten­kop­pen doen ver­moe­den. Bedrijfs­win­sten blij­ven sterk, de wereld­eco­no­mie houdt voor­lo­pig stand en de gro­te zaken­ban­ken blij­ven over­we­gend posi­tief over aandelen.

Maar de fou­ten­mar­ge wordt kleiner.

De com­bi­na­tie van hoge aan­de­len­waar­de­rin­gen, stij­gen­de obli­ga­tie­ren­tes en een olie­prijs die opnieuw rich­ting 100 dol­lar gaat, maakt de markt kwets­baar­der voor tegenvallers.

Voor een ver­mo­gen­de beleg­ger lijkt het daar­om wei­nig zin­vol om uit­slui­tend te kie­zen tus­sen “aan­de­len kopen” of “aan­de­len ver­ko­pen”. De hui­di­ge omge­ving pleit eer­der voor diver­si­fi­ca­tie.

Kwa­li­teits­aan­de­len blij­ven een essen­ti­eel onder­deel van een lan­ge­ter­mijn­por­te­feuil­le, en de winst­groei in de Ver­e­nig­de Sta­ten geeft voor­lo­pig wei­nig aan­lei­ding om struc­tu­reel pes­si­mis­tisch te wor­den. Maar obli­ga­ties zijn opnieuw een vol­waar­di­ge beleg­gings­ca­te­go­rie gewor­den. Daar­naast kun­nen cashre­ser­ves nut­tig zijn om van even­tu­e­le cor­rec­ties gebruik te maken.

De belang­rijk­ste indi­ca­tor die beleg­gers de komen­de maan­den in het oog moe­ten hou­den, is mis­schien ver­ras­send een­vou­dig: de olie­prijs.

Zakt Brent opnieuw dui­de­lijk onder 90 dol­lar, dan ver­min­dert de infla­tie­druk en krij­gen cen­tra­le ban­ken opnieuw meer bewe­gings­ruim­te. Dat zou zowel aan­de­len als obli­ga­ties ondersteunen.

Blijft olie daar­en­te­gen lang­du­rig boven 100 dol­lar – of esca­leert de situ­a­tie in de Straat van Hor­moez ver­der – dan ver­an­dert het plaat­je. Infla­tie kan dan hard­nek­ki­ger wor­den, de ren­te kan ver­der stij­gen en de hoge waar­de­rin­gen op de aan­de­len­markt komen opnieuw ter discussie.

De finan­ci­ë­le mark­ten bevin­den zich dus niet nood­za­ke­lijk aan het ein­de van de haus­se. Maar na de ster­ke stij­gin­gen van de afge­lo­pen jaren wordt selec­ti­vi­teit belang­rij­ker dan opti­mis­me alleen.

Dis­clai­mer: boven­staan­de infor­ma­tie is geen aan­bod noch een uit­no­di­ging om effec­ten of een ander beleg­gings­pro­duct te kopen of ver­ko­pen of om deel te nemen in een han­dels­stra­te­gie noch het ver­le­nen van een beleg­gings­dienst in de zin van de wet van 2 augus­tus 2002 of het ver­le­nen van een onder­zoeks­dienst in de zin van het MiFID KB van 19 decem­ber 2017. Hoe­wel de inhoud van deze web­si­te met de mees­te zorg is samen­ge­steld en is geba­seerd op betrouw­ba­re infor­ma­tie­bron­nen, wordt er geen enke­le uit­druk­ke­lij­ke of impli­cie­te garan­tie of ver­kla­ring gege­ven omtrent de juist­heid of vol­le­dig­heid van de infor­ma­tie. De door ons ver­strek­te infor­ma­tie kan zon­der voor­af­gaan­de ken­nis­ge­ving wor­den gewij­zigd. Het gebruik van de infor­ma­tie op deze web­si­te is op eigen risi­co. Het is niet toe­ge­staan deze web­si­te te ver­me­nig­vul­di­gen, repro­du­ce­ren, dis­tri­bu­e­ren, ver­sprei­den of tegen ver­goe­ding beschik­baar te stel­len aan der­den, zon­der de voor­af­gaan­de uit­druk­ke­lij­ke, schrif­te­lij­ke, toe­stem­ming van Capi­tal Plan Invest B.V. De waar­de van uw beleg­ging kan fluc­tu­e­ren. In het ver­le­den behaal­de resul­ta­ten bie­den geen garan­tie voor de toe­komst. Deze infor­ma­tie is niet bestemd voor US Per­sons als gede­fi­ni­eerd in Rule 902 van Regu­la­ti­on S van de Uni­ted Sta­tes Secu­ri­ties Act of 1933, en mag niet gebruikt wor­den voor het wer­ven van inves­te­rin­gen of inschrij­ven op effec­ten in lan­den waar dit niet is toe­ge­staan door de loka­le toe­zicht­hou­der of wet- en regel­ge­ving. Op deze dis­clai­mer is Bel­gisch recht van toepassing.

Dis­clai­mer: boven­staan­de infor­ma­tie is geen aan­bod noch een uit­no­di­ging om effec­ten of een ander beleg­gings­pro­duct te kopen of ver­ko­pen of om deel te nemen in een han­dels­stra­te­gie noch het ver­le­nen van een beleg­gings­dienst in de zin van de wet van 2 augus­tus 2002 of het ver­le­nen van een onder­zoeks­dienst in de zin van het MiFID KB van 19 decem­ber 2017. Hoe­wel de inhoud van deze web­si­te met de mees­te zorg is samen­ge­steld en is geba­seerd op betrouw­ba­re infor­ma­tie­bron­nen, wordt er geen enke­le uit­druk­ke­lij­ke of impli­cie­te garan­tie of ver­kla­ring gege­ven omtrent de juist­heid of vol­le­dig­heid van de infor­ma­tie. De door ons ver­strek­te infor­ma­tie kan zon­der voor­af­gaan­de ken­nis­ge­ving wor­den gewij­zigd. Het gebruik van de infor­ma­tie op deze web­si­te is op eigen risi­co. Het is niet toe­ge­staan deze web­si­te te ver­me­nig­vul­di­gen, repro­du­ce­ren, dis­tri­bu­e­ren, ver­sprei­den of tegen ver­goe­ding beschik­baar te stel­len aan der­den, zon­der de voor­af­gaan­de uit­druk­ke­lij­ke, schrif­te­lij­ke, toe­stem­ming van Capi­tal Plan Invest B.V. De waar­de van uw beleg­ging kan fluc­tu­e­ren. In het ver­le­den behaal­de resul­ta­ten bie­den geen garan­tie voor de toe­komst. Deze infor­ma­tie is niet bestemd voor US Per­sons als gede­fi­ni­eerd in Rule 902 van Regu­la­ti­on S van de Uni­ted Sta­tes Secu­ri­ties Act of 1933, en mag niet gebruikt wor­den voor het wer­ven van inves­te­rin­gen of inschrij­ven op effec­ten in lan­den waar dit niet is toe­ge­staan door de loka­le toe­zicht­hou­der of wet- en regel­ge­ving. Op deze dis­clai­mer is Bel­gisch recht van toepassing.